Praktische tips

 

Opvoeden is nog lastiger geworden dan het al was, doordat we in een hectische tijd leven met een behoorlijk economische crisis. Dus kunnen wat praktische tips uitkomst bieden.

 

Zelfstandigheid en zelfvertrouwen

zelfstandigDeze is te verbeteren door het kind te zeggen, dat je hem al zo groot vindt en dat hij al zoveel kan enz. Vele kinderen zijn daar heel gevoelig voor. Belangrijk is hierbij dat je duidelijk benoemt wat het kind goed kan of doet. Dus: Ik vind het knap dat jij je jas en je schoenen opgeruimd hebt i.p.v. Dat heb je goed opgeruimd. Het woord 'dat' kan zoveel betekenen.

 

Empathie

Dat is het zich in kunnen voelen – inleven - in de ander. Om het kind bij dit proces te helpen, gaan we als volgt te werk:

Als een kind iets vervelends doet of zegt naar andere kinderen of volwassenen, dan even het kind apart nemen en het volgen­de heel rustig met het kind doornemen:

(Probeer niet meteen boos te worden, ook al is het moeilijk en lastig, want dan reageert het kind gewoon op jouw boosheid).

Hem rustig benaderen en vragen bijv.: 'Als jij nu Tommy was, hoe zou jij dan willen dat hij tegen jou zou doen?'

En dan: 'Bedenk eens of jij het fijn zou vinden als Tommy zo tegen jou zou doen!'

Daarna: 'X, denk er eens over na hoe je het anders kan doen'.

Op deze manier keur je het gedrag niet zozeer af, maar wat ik nog belangrijker vind is dat je alternatief gedrag (dus ander gedrag) in gang zet. Kinderen moeten immers leren dat anderen ook gevoel hebben. En de beste manier om dat aan te leren is om aan hen te vragen hoe ze zichzelf zouden voelen in een dergelijk situatie. En vervolgens wat ze kunnen doen om die ander zich fijn te laten voelen.

 kind

Kleding

Kinderen kunnen erg moeilijk doen over de kleding die ze niet aan willen op momenten dat je daar zeker geen tijd voor hebt. Voorkom deze strijd door de avond ervoor het kind tussen 2 setjes kleding te laten kiezen en dat klaar te leggen voor de volgende dag. Het kind heeft dan het gevoel dat het zelf bepaald heeft wat het aan doet, maar in feite doet de ouder dat…

  

Visitetas

Kinderen zijn gevoelig voor aandacht en verandering. Als je visite krijgt of op visite gaat, dan kunnen kinderen – al dan niet door spanning – de aandacht behoorlijk naar zich toe trekken of je als ouder geen kans geven om even rustig met de visite te praten. Ook als kinderen erg verlegen zijn kan zo’n visitetas een kind helpen om over dat drempeltje te gaan. Hoe werkt dat?

Je neemt voor elk kind een tasje en daar doe je kleine cadeautjes/speeltjes in. Kruidvat, Blokker en de Action hebben veel kleine dingen die voordelig zijn. Als je dan naar iemand toe gaat of iemand komt op visite, dan spreek je af dat de kinderen nadat ze goedendag hebben gezegd, met de visitetas mogen spelen. Je plaatst een concreet iets (de visitetas) tussen het gedag zeggen en het denken aan verlegen worden. Natuurlijk wil een kind weten wat er in die tas zit en is dus daar meer mee bezig zijn dan het goedendag zeggen. Daardoor valt ook de zwaarte van het gedag zeggen weg. Zorg ervoor dat je regelmatig de spulletjes verwisselt en ook dat de tas weer ingeleverd wordt als je weer weg gaat. Zo blijft de tas aantrekkelijk.

Ook bij lange autoritten kan zo’n tas rust bieden.

 

Niet door elkaar praten:

Kinderen willen meteen alles zeggen en zeker als er meerdere kinderen in een gezin zijn, kan dat een behoorlijk hectische en frustrerende maaltijd worden. Om kinderen te leren om naar elkaar te luisteren en dus ook te wachten is het handig om gebruik te maken van een eierwekker. Een eierwekker is voor iedereen duidelijk, want twee streepjes blijven twee streepjes tijd ook al kan je nog niet tot tien tellen. Kinderen hoeven dus ook niet bang te zijn dat het ene kind langer mag praten dan het andere kind. Je zet de eierwekker bijvoorbeeld op twee minuten en plaatst de eierwekker voor het kind dat mag beginnen met praten. Zorg dat de volgorde regelmatig afgewisseld wordt, maar belangrijk: je houd als ouder zelf de regie hierover in handen. Je legt uit dat het kind waar de eierwekker voor het bord staat eerst mag praten en dat iedereen moet luisteren tot het kind klaar is of tot de eierwekker afloopt. Maar als een ander kind erdoor heen praat, dan wordt de tijd opnieuw bijvoorbeeld op twee minuten gezet en duurt heet dus langer eer het andere kind aan de beurt is.

 

Anti-vergeet-boekje

Bij grotere kinderen kan het zijn dat ze bang zijn om iets vergeten en willen dat meteen vertellen zodra het hen te binnen schiet of de ouder op dat moment wel of geen tijd heeft. Bijvoorbeeld dat ze een speciaal vogelboek mee naar school moeten nemen.

Als een ouder aan de telefoon zit of met iemand aan het praten is, dan wordt het moeilijk voor een kind en is een kind snel geneigd om er toch doorheen te praten. Om dit te voorkomen is het fijn als je voor het kind een anti-vergeet-boekje in het leven roept; een klein notitieblocnootje waar het kind in dit geval ‘vogelboek’ in kan schrijven en dan het boekje op de afgesproken plaats neer legt. Zodra de ouder tijd heeft wordt het boekje gelezen en uitleg gevraagd. Op die manier hoeft het kind geen extra spanning te ontwikkelen omdat het bang is het te vergeten.

 

Corrigeren zonder dat het opvalt

Ongewenst gedrag zoals plagen, uitdagen en pesten kan aangepakt worden door samen met het kind een signaalwoord af te spreken bijvoorbeeld TULP. Je legt uit dat je dat signaalwoord zegt zodra je merkt dat het kind dat ongewenste gedrag begint te vertonen. Door gebruik te maken van een signaalwoord hoeft het kind zich namelijk niet aangevallen te voelen en kan zich toch herstellen/corrigeren zonder dat de andere kinderen dit door hebben. Je zegt het woord gewoon hardop zonder speciaal naar het kind te kijken en een ander kind (broertje/vriendje) kijkt misschien even op de manier WAT RAAR! maar gaat al snel verder met waar het mee bezig was.

 

Selffulfilling prophecy

Let erop dat je niet bewerkstelligt waar je bang voor bent. Als je bijvoorbeeld naar oma en opa gaat, dan kan het gebeuren dat je het kind van tevoren de wacht aanzegt en benoemt wat het niet moet/mag doen! Maar naderhand merk je dat het kind de verboden dingen juist heeft gedaan. Veel handiger is het om vooraf het kind te complimenteren en goed gedrag te voorspellen, bijvoorbeeld: Oma vindt het altijd zo fijn dat je haar helpt met opruimen of ik ben blij dat jij zo goed op je beurt kan wachten als oma koekjes uitdeelt enzovoort… Op die manier geef je aan welk gedrag je wenst.

 

Bed ritueel

Voor een kind is de overgang van de 'druk­ke' dag naar de rustige avond en nacht vaak erg moeilijk. Om dit wat makke­lijker en tevens duidelijker te laten verlopen is het bed ritueel een goede overgangsfase. Dus elke avond een ver­haaltje vertellen of voorlezen op de slaapkamer van het kind. Bij voorkeur een verhaaltje dat goed afloopt en waarin niet te enge dingen worden beschreven. Zeker bij kinderen in de magi­sche leef­tijd (kleuterperiode en nog wat later), waar de werkelijkheid en de fantasie door elkaar heen kunnen lopen. Waar het kind overdag om moest lachen en totaal niet bang voor was, kan 's nachts wel eng worden (bijvoorbeeld een wande­ling in het bos en dan bang zijn dat er enge beesten onder bed zitten).

 

Wat gaat er in het kind om?

Een goede manier om erachter te komen wat er in een kind omgaat en de dag positief af te sluiten is, door het kind te vragen wat het die dag niet leuk of fijn vond (= negatieve bele­ving) en vervol­gens te vragen wat het wel leuk of fijn vond (= positieve bele­ving).  Een goed tijdstip is vaak rondom de avond maaltijd, zodat er nog tijd is om vervelende dingen verder uit te spreken en het kind niet in bed gaat liggen piekeren. Ook wil ik voorkomen dat er een aspect van winst bij komt; tijd rekken om nog niet naar bed te hoeven.

 

Straffen

Als een kind gedrag vertoont wat jullie niet cor­rect vinden, stuur het kind dan bijvoorbeeld naar de gang of bijkeuken of op het matje bij de buitendeur. Liever niet naar de slaapkamer kamer sturen, want daar moet het kind zich fijn kunnen voelen om lekker te slapen. Geef aan dat de huiskamer of keuken een plek is om gezellig bij elkaar te zijn. Dus is er een plek om gezellig te zijn en plek om boos te zijn. Ben hier consequent in. Zeg tegen het kind dat het weer binnen mag komen als de boze bui over is. Komt het kind binnen, dan vraag je of de boze bui over is. Geeft het geen antwoord, dan het kind weer terugstu­ren met de mededeling dat de boze bui kennelijk nog niet over is. Zegt het kind 'ja', dan even benadrukken dat je dat heel fijn vindt. Eventueel kan je gebruik maken van een eierwekker. Je spreekt de tijd af en zet de eierwekker aan de kant van de huiskamer (anders kan het kind aan de wekker draaien) en zodra de wekker afloopt mag het kind weer terug komen. In het begin is het – zeker bij kleinere kinderen – belangrijk dat je de tijd niet te ruim zet, zodat het kind kan wachten en ervaren dat het werkt (wekker loopt af en het kind mag terug de huiskamer in).

 

Oorzaak en gevolg

Houd oorzaak en gevolg dicht bij elkaar, want dan is het duidelijk voor het kind.

Als het kind iets vervelends doet (= oorzaak), dan volgt daar een consequentie op, bijvoorbeeld een reprimande (= gevolg).

Doet het kind iets goed of lief (= oorzaak), dan volgt daar een positieve consequentie op, bijvoorbeeld een compliment (= ge­volg). Zo geef je goedkeurende aandacht aan het kind op de juiste momenten, waardoor je het kind stimuleert om dit posi­tieve gedrag te herhalen.

 

Gerichte aandacht

Daar de tijd van ouders vaak beperkt is en de ouder vele taken kan hebben is het zeer handig en func­tio­neel om elke dag, op een vast tijd­stip, een kwar­tiertje met het kind te spelen (samen iets bou­wen, tekenen of een kleur­plaat kleuren enz.). Het voordeel hiervan is, dat de volle aandacht op het kind gericht is en niet op het zusje of broertje en omdat het op een vast tijdstip is... kan je het kind daarnaar verwijzen als het je aan­dacht wil opeisen wanneer je er geen tijd voor hebt. Maar niet net voor het naar bed gaan, omdat er dan wel eens dingen naar voren komen die meer tijd nodig hebben. Bovendien wil ik voorkomen dat een kind in bed over dingen ligt te piekeren.

 

Horen, luisteren

Als een kind aan het spelen is en je geeft het een bepaalde opdracht, maar het kind doet net of het je niet hoort en blijft gewoon door spelen... doe dan als volgt: Houd de armen zachtjes vast (dan moet het kind het spel stop­pen), ga op ooghoogte zitten zodat het kind je aan kan kijken, zeg dat je iets gaat vertellen en dat je daarna aan het kind zal vragen om het te herhalen. Als je het kind de 'boodschap' laat herhalen weet je of het kind het gehoord en begrepen heeft.

 

Aankijken, luisteren

Een kind is vaak toch nieuwsgierig dus als je de indruk krijgt dat het niet luistert omdat het druk aan het spelen is, ga dan (in de omgeving van het kind, zodat het weet dat het voor het kind bedoeld is) steeds zachter praten. Het kind wil dan toch graag weten wat er gezegd wordt en mindert het lawaai maken en moet je aankijken om toch te horen wat je zegt….

 

Waaromvragen

Stel zo min mogelijk 'waaromvragen'. Als een kind te laat thuis komt en je vraagt naar het waarom, dan voelt het kind zich meestal aangevallen en gaat zichzelf verdedigen of wordt boos en geeft onvoldoende antwoord op je vraag (bijvoorbeeld ‘Daarom’ of ‘Zo maar’ of ‘Nou en?’). Handiger is het om de vraag in de 'hoe' vorm te stel­len, bijvoorbeeld: 'Hoe komt het dat je zo laat bent?' Op deze manier voelt het kind zich eerder geroepen tot het geven van uitleg en het vertelt jou de reden (en die wilde je toch immers weten).

 

Proberen

Vermijd het woord proberen. Bijvoorbeeld het kind kan niet slapen en je zegt: 'Probeer nu maar lekker te slapen'. In het woord proberen zitten twee aspecten: het kan lukken en het kan misluk­ken. Het kind zal dan ook snel geneigd zijn om weer zijn bed uit te komen en te zeggen: 'Ik heb het geprobeerd, maar het lukt niet!'

Maar ook als je bijvoorbeeld zegt: ‘Probeer die sommen maar eens te maken!’ Dan geef je onbewust en onbedoeld aan dat je er zelf ook niet zeker van bent dat het zal lukken. Dus in die situaties niet proberen, maar het kind uitdagen door aan te geven dat je benieuwd bent hoe veel sommen het kind in die tijd kan maken bijvoorbeeld.

            

Compliment en reprimande

Ruimt het kind na een aantal keren eindelijk het speelgoed op, zeg dan: 'Fijn, dat je het opgeruimd hebt', in plaats van: 'Zie je wel, dat je het wel kan, waarom deed je het daarstraks dan niet?'  

Doordat er na het compliment een soort van bestraffing volgt, gaat het hele positieve gevoel van het compliment verloren.

 

Duidelijk zijn

Wees duidelijk bij ongewenst gedrag, bijvoorbeeld schoppen, slaan en gillen. Waarschuw één keer kort en duidelijk, gaat het kind door, zet het dan in de gang en haal het kind terug als het minstens één minuut stil is. Ga niet meer op het voorval in, maar suggereer het kind om iets anders te gaan doen.

 

Discussie

Ga de discussie niet aan met een boos of geïrriteerd kind. Al snel krijg je ook geïrriteerde gevoelens en de kans op het uiten van vervelende woorden komt dichterbij. Je mag natuurlijk best zeggen dat je boos bent, maar dat je daar later op terug zal komen. Als het kind rustig is, kom dan op het voorval terug en vraag het kind hoe het gekomen is (uitleg).

 

Boos zijn

Als iets niet helemaal goed gaat of het kind moet iets doen wat het helemaal niet leuk vindt en een kind reageert erg boos. Ga hier dan niet tegen in, maar praat met het kind op de manier van dat je begrijpt dat het kind het niet leuk vindt en dat je begrijpt dat het kind boos is. Het kind vertoont dan minder het gedrag om boos naar jou te reageren omdat het zich serieus genomen voelt.

 

Spel afbouwen:

Als een kind aan het spelen is en je vraagt om daarmee te stoppen, dan veroorzaakt dat vaak ruzie. Het kind wil niet stoppen en de ouder moet echt weg!

Om dit te voorkomen is het handig om het kind ± 10 minuten voor dat het moet stoppen met spelen even te waarschuwen. Eventueel zet je een eierwekker erbij. Het kind kan zich dan voorbereiden en het spel afbouwen. Ouders en kind kunnen zonder irritatie op tijd weg.

 

 

 

    

     Andere sites  

     Handige links

    

 

 Boeken & tijdschriften

 

 

wordt aan gewerkt

 



   

      Speelgoed

 

 

     wordt aan gewerkt

 

     Nieuws:

     Stop vechtscheiding

     Help! Mijn kind gaat online!

     Kinderlokkers